Page images
PDF
EPUB

en

planten op een vierde van het menschelijk geslacht, zooals de Chineesche, maar werkte overal als een voorbijgaand verschijnsel, dat van het Oosten naar het Westen zich bewoog; doch die van China is als een licht dat nooit van plaats veranderde, maar, altijd toenemende in glans en gloed, steeds meer

meer den omtrek in wijder en wijder kringen in zijne stralen ging omvatten. Wien nu ook de palm worde toegekend, òf aan de reusachtige Chineesche natie, òf aan die enkele volkjes van het Kaukasische ras: den naam van beschaafde natie verdient China allezins, en als zoodanig heeft het aanspraak op waardeering en belangstelling van elken Westerling.

Hare hooge oudheid, de ongeëvenaarde levenskracht, die zij in al de phasen, welke zij heeft doorloopen, steeds getoond heeft te bezitten; het vermogen om zichzelf in stand te houden, hetwelk haar in zulk een ongehoorde mate eigen is: dit alles maakt de Chineesche beschaving tot een der merkwaardigste verschijnselen in de geschiedenis der volkeren. Eene uitgebreide letterkunde was haar kind. Zonder groote gapingen, en zonder hier en daar te worden afgebroken, daalt deze van uit de hoogste oudheid neder tot naar den huidigen dag en is een der weinige wegen, die ons het verst nog terugvoeren naar de bakermat van het menschelijk geslacht. Voor den navorscher van de Wereldgeschiedenis niet alleen, en voor den oudheidkenner, die de ontwikkelingsgeschiedenis der menschheid nagaat tot in hare wieg, is zij van onschatbare waarde, maar ook voor den socioloog, die de wetten van de samenleving opspoort en noodig heeft die aan een ander volk te toetsen; voor den ethnograaf, die er zijn werk van maakt de zeden, gewoonten en godsdienstige gebruiken van de verschillende natiën, die de aarde bevolken, te beschrijven en met elkander in verband te brengen ; voor den taalvorscher, die den mensch wil leeren kennen uit dat talent, hetwelk hem in zoo hooge mate van de dieren onderscheidt; voor elken tak van wetenschap in het kort, die ook andere rassen en andere volken dan waartoe zijne beoefenaars behooren, opneemt in zijn sfeer. Evenals de beschaving, die haar baarde, heeft de letterkunde der Chineezen zich ontwikkeld uit zichzelf en zonder invloed van het Westen, en dit vooral maakt zoowel moeder als kind de aandacht overwaardig van elkeen die belang stelt in de studie van de volkeren van de samenleving, van den mensch.

Een eerste vereischte om een volk te leeren kennen en een eenigzins steekhoudend oordeel te kunnen vellen over zijne beschaving, is de zeden en gebruiken na te vorschen, die deze beschaving heeft gebaard. Brengt men dus de gewoonten en begrippen der Chineezen in verband met de om

[ocr errors]
[merged small][ocr errors]
[ocr errors]

standigheden waaronder zij ontstonden en waarin zij steeds waren geplaatst, en toetst men ze aldus aan de zeden en gebruiken van het Westen, dan eerst meet men het volk af met den maatstaf waarmede wij ons zelven meten ; dan eerst kan men het leeren kennen en zijne beschaving op volle waarde schatten. Het onderhavige werk is eene zwakke poging in dien geest. Zooveel de gebrekkige hulpmiddelen, welke ons ten dienste stonden, toelieten, hebben wij de gewoonten en gebruiken, die in de volgende bladzijden worden verhandeld, in verband gebracht met den tijd van het jaar en de omstandigheden waaronder zij ontstonden of zich uiten, en aldus zijn wij niet alleen in staat geweest om menigwerf eene vrij bevredigende verklaring te vinden voor hunne reden van bestaan en hunnen oorsprong, doch ook om op vele punten van overeenkomst met zeden en gebruiken in het Westen te wijzen, voor zoover deze hun ontstaan blijkbaar aan gelijksoortige omstandigheden verschuldigd zijn.

In de eerste plaats verdienen de Chineezen de aandacht van ons Nederlanders.

Geene Europeesche natie, de Engelsche alleen uitgezonderd, heeft meer Chineesche onderdanen onder haren schepter dan de onze. Zij vormen het meest nijvere, vreedzame en beschaafde deel van onze Oostersche medeburgers ; zij doen onzen kolonialen handel en nijverheid bloeien en groeien, en brengen door bunne werkzaamheid geen onbeduidend aandeel bij tot de batige sloten, die het behoud zijn van de schatkist van ons vaderland. Hunne verdiensten, ja hunne onmisbaarheid voor de Indische maatschappij, worden genoegzaam door iedereen erkend, maar is onze kennis van dat volk, waarmede wij leven en verkeeren, wel hieraan evenredig ?

In de verste verte niet. De krachtsinspanningen, vooral van Engelsche Duitsche en Fransche sinologen, die meer licht zochten te verspreiden over het Chineesche Rijk, zijn nog zoo goed als niet tot ons vaderland doorgedrongen en hun werken zijn er voor verreweg het grootste gedeelte zelfs niet bij naam bekend;

geen wonder dan ook dat de onwetendheid, waarin wij Nederlanders

--- en in Indië niet het minst - ten opzichte van de Chineezen verkeeren, nog al groot is.

Men ziet hunne gebruiken wel en haalt er misschien de schouders over op omdat men ze niet begrijpt, maar moeite om ze te leeren kennen geeft zich zoo goed als niemand. Sommigen keuren het volk niet de aandacht waardig, omdat zij het minachten wijl zij het niet kennen; anderen droomen van superioriteit van ras, en achten zich te gelukkig in het zalige bewustzijn van onder dat getal van uitverkorenen te be

[ocr errors]

!

hooren, dan dat zij het niet beneden zich zouden rekenen een blik op een ander volk te slaan ; doch onverschilligheid spant over dit alles nog de kroon. En toch wordt in den regel elke gelegenheid gretig aangegrepen die zich aanbiedt om iets over het Chineesche Rijk te weten te komen, en geen wonder. Want reeds van kindsbeen af leerde elkeen China beschouwen als een wonderland --- een verschijnsel dat wellicht zijn oorsprong in de Middeleeuwen vond, toen Marco Polo en andere reizigers hunne berichten over dat beschaafde land aan het andere einde van de wereld voor het eerst naar Europa overbrachten -- en thans nog wordt elk verhaal, hoe phantastisch en onmo. gelijk ook, gretig voor waarheid aangenomen. Deugdelijke berichten trekken daarentegen weinig de aandacht; men wil wonderbare en piquante dingen hooren, en meer dan een schrijver heeft er zich toe laten verleiden de menschen te bedienen naar hun smaak. Ook in onze koloniën heeft men wel eens het afkeurenswaardige in de Chineesche natie schromelijk overdreven en hare deugden verbloemd ter wille van reclame, en menig zendeling in China heeft zich daaraan overgegeven ten einde des te beter zijne eigene waren aan te prijzen en te doen uitblinken boven de drie sekten, Confucianisme, Taoisme en Boeddhisme, die in China bloeien. Zulke onjuiste en verkeerde voorstellingen zijn erger nog dan totale onwetendheid: wij hopen dat dit werkje een droppel tegengif tegen beide wezen mag.

Onder de gewoonten en gebruiken der Chineezen die wel het allermeest onder de oogen onzer landgenooten komen, behooren in de eerste plaats die, welke geregeld zich voordoen op bepaalde datums van het jaar. Aanhoudend is het voorgekomen dat ons daaromtrent inlichtingen werden gevraagd : men ziet feestelijkheden, ceremoniën en gebruiken en begrijpt ze niet - en dit is een der hoofdredenen die ons ertoe hebben geleid het onderhavige werk onder het bereik te brengen van elkeen, die belang in het onderwerp stelt. Wij hebben getracht de verschillende feestdagen van het jaar niet alleen uitvoerig te beschrijven, maar ook pogingen gewaagd om tot hunnen oorsprong op te klimmen en rekenschap te geven van hunne reden van be

Met de verschillende zeden en gebruiken, die zich aan hen vastknoopen, hebben wij eveneens gehandeld, indachtig aan de waarheid dat alles op de wereld een oorzaak heeft, en dat de oorsprong der gebruiken, welke in dit werk zijn vervat, voornamelijk gezocht moet worden in het voorkomen der Natuur op de verschillende tijden van het jaar, m. a. w. in den Kalender.

Inderdaad, de Kalender vormde altijd het gewichtigste element in de godsdienstige plechtigheden van ieder volk. En vóór de almanak ten gerieve

[ocr errors][ocr errors]

staan.

[ocr errors]

van priesters en leeken was uitgevonden, was het de stand des Hemels die de ceremoniën en feesten bepaalde, vooral in die talrijke gevallen waarin de Hemel zelf, of een of meer van zijne onderdeelen, het voorwerp der vereering was In andere gevallen moest een gelukkig tijdstip worden afgewacht, dat slechts uit de sterren was te lezen en door deze werd bepaald; het was in één woord het voorkomen der Natuur in de verschillende, meer of min gewichtige perioden van den jaarkring, dat steeds de voornaamste feesten en plechtigheden regelde. Zoo vielen bij de Westersche volkeren de meest belangrijke feest-en offerdagen samen met den gang der zon door de keerkringen en de evenachtspunten men denke slechts, om een enkel voorbeeld te noemen, aan ons Kerstmis en Paschen ; -- zoo was het ook, en is het nog, bij de Chineezen het geval. De stand des Hemels in verband met het voorkomen der Natuur gaf het aanschijn aan hunne feesten en offerdagen : hij zal ons omgekeerd ook dienen als de sleutel die toegang geeft tot den oorsprong van deze en menig geheimenis op het punt van zeden en gewoonten zal ontsluieren, dat anders voor geene verklaring en opheldering zou vatbaar zijn.

Eene kalendrische behandeling van gewoonten en gebruiken heet in de Chineesche literatuur een c. De voornaamste Encyclopediën, waaraan die literatuur zoo rijk is, bevatten bijna alle een hoofdstuk, getitelde of lett: «tijden van het jaar,” waarin de meest gewichtige feestdagen in kalendrische volgorde behandeld worden of, liever gezegd, daarop betrekking hebende aanhalingen uit verschillende oude schrijvers in de grootste wanorde zijn bijeengeworpen. Gebrekkig, onvolledig en oppervlakkig in de hoogste mate, geven zij die aanhalingen veelal zóó onnauwkeurig en slordig terug, dat altijd eene raadpleging van de oorspronkelijke autoriteiten noodig is, doch desniettegenstaande kan den Encyclopediën geen groot nut worden ontzegd, daar zij niet alleen zeer dikwijls de bewaarplaatsen van werken zijn die verloren geraakt of zoo goed als niet meer in China te verkrijgen zijn, maar bovendien dienen kunnen als wegwijzers door de onmetelijke literatuurschatten van het Rijk.

Een werk als het onderhavige zou dus in het Chineesch bijvoorbeeld den naann verdienen van 厦門 歲時風俗通, Navorscher van de zeden en gewoonten van Emoy in verband met de verschillende tijden van het jaar.” Bij het samenstellen hebben wij rijkelijk uit Chineesche bronnen geput en vele oorspronkelijke autoriteiten, voor zoover die in ons bezit en onder ons bereik waren, nageslagen, met het doel het door ons aungevoerde als met een netwerk van balken te doorvlechten ter versterking en tot steun. Dikwerf, wij

bekennen het, is ons betoog zwak, maar men bedenke hoe moeielijk het is tot den oorsprong van oude Chineesche zeden en gewoonten op te klimmen met de gebrekkige hulpmiddelen die iemand in Indië (waar de bouwstoffen, in China vergaderd, werden uitgewerkt) te dienste staan; waar wij slechts eene kleine, zelf verzamelde hoeveelheid Chineesche boeken te onzer beschikking hadden en geen bibliotheek, die veel over Westersche ethnographie bevat; waar, eindelijk, de Chineesche bevolking ten opzichte van hare eigene gebruiken en gewoonten in de diepste onwetendheid verkeert, en men dus alles wat men hiervan weten wil bij stukken en brokken uit hunne boeken halen of door vergelijking en opmerking te weten komen moet. Daarbij komt nog, dat tot nu toe weinig of niets over een onderwerp als dit in eene Europeesche taal geschreven is. Slechts Doolittle wijdt er in zijn werk »Social Life of the Chinese" drie hoofdstukken aan onder den titel Established annual Customs and Festivals,” maar hij is hoogst oppervlakkig in alles wat hij mededeelt en behandelt bovendien niet de Emoy-Chineezen, maar wel die van de hoofdstad Foeh-Tsjowfoe, van waar zoo goed als geene landverhuizers naar onze koloniën trekken. Nergens geeft hij eene bevredigende verklaring of oplossing van hetgeen hij zegt; nergens dringt hij tot den oorsprong van de zeden en gebruiken door, en klaarblijkelijk is zulks een gevolg van zijne onbekendheid met de Chineesche letterkunde, waarmede men eenigzins vertrouwd behoort te zijn zoo men zich op redelijke wijze van de gewoonten en begrippen van het volk rekenschap wil geven. Een schrijver in de China Review” (VII, bladz. 336) sprak het volgende als zijne meening over Doolittle’s werk uit. The volume contains many inaccuracies in details, and as all , the social customs and religious ceremonies described in the book are explained non the basis of popular hearsay evidence, instead of tracing the phenomena of modern society and religion back to their fountain-head as described in w the Li Ki (1) and the historical records, there is about the whole work a v noticeable lack of exactness and a want of historical comprehension.” Wij onderschrijven dit oordeel zonder aarzelen, maar hopen en vertrouwen dat hetzelfde verwijt ook ons niet treffen zal ; want wij hebben inderdaad getracht de gebruiken, door ons beschreven, na te sporen tot hunnen hoofdoorsprong, en de lezer zal oordeelen in hoeverre wij daarin zijn geslaagd. Zelden zullen wij ons dus op het zeker niet onverdienstelijke werk van Doolittle kunnen beroepen, niettegenstaande wij ten volle overtuigd zijn van de waarheid, dat

?

() Zie lager, bladz. 71 noot 6.

« PreviousContinue »